Kerkelijk werker Arjo van der Steen: “Loopbaancoaching is voor mij een pas op de plaats”   

Arjo van der Steen (46) is kerkelijk werker in Bodegraven voor de protestantse gemeente Emmaüs. Het volgen van de zogenoemde holi-cursus gaf hem de predikantsbevoegdheid. Hij heeft een vaste aanstelling voor 24 uur die tijdelijk met 8 uur werd uitgebreid in de periode dat de gemeente vacant was. Nu is er weer een predikant, en houdt hij 8 uur over. “Wat doe ik met die uren? Ik kon die vullen door ouderenpastoraat te gaan doen in de hervormde gemeente hier. Ik ben bekend met ouderenpastoraat door mijn tijd als kerkelijk werker in Scheveningen. Maar is dat wat ik echt wil?” 

Toen Van der Steen vorig najaar een landelijke dag voor kerkelijk werkers bezocht, gaf adviseur werkbegeleiding van de Protestantse Kerk Elisabeth van As daar een workshop. Van As adviseert predikanten en kerkelijk werkers die in het kader van hun permanente educatie een begeleidingstraject willen volgen. “Wat ze vertelde over loopbaancoaching sprak me aan. Elisabeth gaf me de naam van loopbaanadviseur Ursula Six. Met haar heb ik contact opgenomen.” 

Heroriëntatie 

Ursula Six, die vanuit de Permanente Educatie vaker predikanten en kerkelijk werkers begeleidt, nodigde Van der Steen vervolgens uit voor een intakegesprek. Six: “Mensen die me benaderen, stellen vaak hun vraag al in de mail. In gesprek gaan we eerst die vraag verkennen, soms zit er een vraag achter de vraag. Bij Arjo gaat het om een heroriëntatie op zijn loopbaan.” Bij loopbaanheroriëntatie staan de thema’s ‘wie ben ik, wat wil ik, wat kan ik en wat zijn mijn mogelijkheden op de arbeidsmarkt?’ centraal.  

“De aanleiding is urenverlies, 8 contracturen minder. Dit is een goed moment om na te denken over hoe hij verder wil. Hij heeft een baan, daarnaast heeft hij tijd om zich te heroriënteren. Middels de gesprekken en de opdrachten krijgt hij inzicht in wat bij hem past. Uiteindelijk resulteert het in het vaststellen van een nieuw haalbaar loopbaanperspectief, met daarnaast een persoonlijk plan om dit te realiseren.” 

Pas op de plaats 

Van der Steen: “Ik ben als jongerenwerker de gemeente ingerold, nu ben ik kerkelijk werker met predikantsbevoegdheid. In de hele discussie rond de ambtsvisie moet nog veel geregeld worden. Dat is een onzekerheid van buitenaf, maar stelt me ook voor vragen. Wil ik pastor zijn? Moet ik me beroepbaar stellen? Sta ik misschien ook open voor iets heel anders? Dit is voor mij een pas op de plaats. Ik heb nu twee van de zes geplande sessies gehad. Het gaat heel prettig. Ik krijg veel opdrachten mee, ik heb dus huiswerk te doen. Ursula krijgt daarmee een goed beeld van mij, en daarmee gaan we dan weer verder.” 

Heel concreet 

Loopbaanoriëntatie vraagt om een actieve inzet met schrijfopdrachten, spreken met andere mensen, je ervaringen uit het verleden terughalen en reflecteren, vertelt Six. “Daarmee verzamel je min of meer je gedragskenmerken, je vaardigheden, je drijfveren, je waarden. Het gaat in zo’n oriëntatie altijd om wat je meebrengt in het leven, om ervaringen. Juist door het maken van de loopbaanopdrachten en de coachingsgesprekken komt de cliënt verder, zo'n loopbaanheroriëntatie is heel concreet.” 

Nieuw perspectief 

Van der Steen hoopt uiteindelijk een helder profiel in handen te hebben van wie hij is, waar zijn kwaliteiten, competenties en vaardigheden liggen, en hoe hij die in de toekomst in kan zetten. “Het staat voor mij open of dat binnen de kerk is of elders. Fijn is dat ik me hier nu mee bezig kan houden, terwijl ik niet ergens op de wip zit. Ik móét niet iets anders, dit is een rustige periode.” 

Six juicht het altijd toe als mensen die een verandering ten opzichte van hun werk bij zichzelf merken, besluiten daar wat mee te doen. “Een van mijn drijfveren is zingeving in het leven. We besteden veel tijd aan werk, en soms kun je er even niet meer doorheen kijken. Het is dan goed om daar samen met iemand anders naar te kijken. Werk mag ook leuk en gezond zijn, er is altijd wel een nieuw perspectief te creëren.” 

Informatie over de verschillende vormen van begeleiding:

Begeleidingstraject

 

 lees verder
 
Voorbede gevraagd voor generale synode

Landelijk bestuur

De leiding van de Protestantse Kerk ligt in handen van 62 ambtsdragers. Samen vormen zij de generale synode, in gewoon Nederlands ‘het landelijk bestuur’. Zij komen minimaal twee keer per jaar bij elkaar. Hun opdracht is leidinggeven aan het leven en werken van de kerk in haar geheel.

Voor de hele kerk

Pijl naar beneden Verder lezenWat zijn de taken van een synodelid? Synodeleden zijn allen ambtsdragers die gekozen zijn door een plaatselijke gemeente. Deze plaatselijke wijsheid en ervaring worden in de synode gebundeld en vruchtbaar gemaakt voor het welzijn van de hele kerk. Daarom wordt de synode ook wel ‘de kerkenraad van de hele kerk’ genoemd. Volgens de kerkorde bestaat de kerk uit alle gemeenten. Hun stem wordt dus ook via haar ambtsdragers in de synode gehoord en benut.

Inzicht en gebed

In de komende vergadering liggen naast de voordracht van een nieuwe scriba ook die van een lid van het moderamen (assessor II) en de nieuwe rector van de Protestantse Theologische Universiteit ter benoeming voor. De synodeleden zullen zich tijdens deze vergadering ook bezinnen over het spreken van de kerk in deze tijd. Zij zullen zich hierbij mede laten leiden door een voorzet van de Gemeenschap van Europese Kerken (CEC). Het is bijzonder om dit te doen exact 1700 jaar na de opstelling van de geloofsbelijdenis van Nicea. Bij dit bijzondere feit zal de synode stilstaan. Op donderdagavond 10 april zullen synodeleden samen met de gemeente van de Gereformeerde Kerk Lunteren het avondmaal vieren. Samen met de lokale predikant ds. Caroline Oosterveen zal ds. René de Reuver voor de laatste keer als scriba deze dienst leiden.

Inspiratie

Scriba René de Reuver: "Kerk en synode kunnen niet zonder gebed om de leiding en wijsheid van Gods Geest. Vandaar de vraag aan jou om persoonlijk en als gemeente de Here God te bidden om zijn zegen over deze synodevergadering. Het zou mooi zijn om dit gebed te besluiten met het oude gebedslied van Huldrych Zwingli":

Heer, stuur zelf het schip der kerk.Sterk is wind en tegenstroomen dat vindt de vijand schoon,die spot met U en uw gebod.

God, houdt zelf uw naam in eer.Weer met macht de wolf die snoodin de nacht uw schapen doodt.Vergaar uw kudde bij elkaar.

Help dat hoogmoed ons niet scheidt.Leid ons naar elkander heen,maak ons waar en maak ons één;dan stijgt een lied dat nooit meer zwijgt.

(Lied 965)

 Agenda generale synode 10 en 11 april 2025

 

 

 lees verder
 
Kerkleden uit gemeente Molenlanden schrijven samen paasgroeten 

In kerkelijk centrum De Rank in Giessenburg verzamelden ruim dertig vrijwilligers uit de hervormde gemeenten van Giessen-Nieuwkerk, Giessen-Oudekerk en Schelluinen, drie dorpen in de gemeente Molenlanden, zich voor een bijzondere actie: het schrijven van paasgroeten voor gedetineerden. De gemeenten doen ieder jaar mee met de PaasgroetenactieVerder lezenPaasgroetenactie van de Protestantse Kerk. De vrijwilligers schrijven niet alleen talloze kaarten, maar sorteren ook alle binnengekomen kaarten van de Paasgroetenactie voor verzending naar gevangenissen en tbs-klinieken in heel Nederland. 

Waardevolle groet van buiten 

Jeannette de Groot, coördinator van de Paasgroetenactie en gemeentelid in Giessen-Oudekerk, is er ook bij. Ze is al jaren enthousiast betrokken en heeft meerdere keren de uitreiking van de eerste paaskaarten in de gevangenis meegemaakt. Daar ziet ze telkens weer hoe zo'n kaartje binnenkomt bij gedetineerden: “Het raakt hen echt dat er aan hen wordt gedacht door een volslagen vreemde. Zo'n groet van buiten is ontzettend waardevol en biedt bemoediging.” 

Hanneke Hakkesteegt regelt alle praktische zaken rondom het schrijven van de kaarten. Deze actie ligt haar na aan het hart. “De samenleving verhardt in haar mening over gedetineerden. Jezus geeft ons de opdracht liefdevol naar hen om te kijken. Dat geldt ook voor ons nu. Op deze manier kan ik mijn steentje aan deze actie bijdragen.” 

Lichtpuntje brengen 

Voor Corrie van Rijswijk is het de eerste keer dat ze meeschrijft. “Ik werkte altijd in de zorg. Nu ik gepensioneerd ben, wil ik me graag blijven inzetten voor de medemens. Ik zag de oproep om mee te doen en heb me aangemeld. Voor mij is het een kleine moeite om een ochtend te schrijven, maar voor een ander kan het iets heel groots betekenen.” 

Op de voorgrond: Corrie van Rijswijk (links) en Sophie den Hartog (rechts)

Sophia den Hartog, die tegenover haar meeschrijft, is er ook voor het eerst bij. Haar kerk, de Gereformeerde Gemeente van Gorinchem, doet ook mee aan de Paasgroetenactie. Sinds kort is ze vrijwilliger bij kerkdiensten in gevangenissen. Daar merkt ze hoe goed zelfs een klein beetje aandacht kan doen. “Ik geloof dat het Gods bedoeling is om juist daar waar het donker is, zijn licht te brengen. Zo kun je een lichtpuntje zijn voor mensen in moeilijke omstandigheden.” 

Hoop brengen 

Ieder jaar doen veel protestantse gemeenten in Nederland mee met de Paasgroetenactie voor gedetineerden. Ook dit jaar worden er weer dozen vol kaarten naar gevangenissen en tbs-klinieken in Nederland gestuurd. Nederlanders in buitenlandse gevangenissen ontvangen een kaartje via stichting Epafras. 

Gerry van Wijngaarden regelt al jaren, samen met Jeannette de Groot, het sorteren en de verzending van alle kaarten. “Deze actie is een mooie manier om liefde en hoop te brengen aan mensen die buiten de samenleving staan. Het is goed dat we als kerk laten zien dat we hen niet vergeten.” 

 

 lees verder
 
Gebed voor Myanmar

God, onze Vader,

Wij bidden U voor de mensen in Myanmar.

Voor een volk dat al zolang voor vrijheid strijdt en dat nu, naast het geweld door medemensen, getroffen wordt door natuurgeweld.

Wij vragen u, wees de slachtoffers in Myanmar en de landen om Myanmar heen nabij.

Wij bidden voor hun familieleden, dichterbij en verder weg, ook hier in Nederland, die in angst en onzekerheid leven over het lot van hun geliefden.

Wij vragen u, wees alle hulpverleners nabij, die vaak onder uiterst moeilijke omstandigheden nu letterlijk en figuurlijk puin moeten ruimen, geef hun kracht en laat hen uw nabijheid ervaren.

Laat hen ervaren dat geweld, waar het ook vandaan komt, niet het laatste woord heeft, maar dat we door U mogen geloven in de veel sterkere kracht van de liefde, die, ook na het grootste verdriet, weer hoop kan geven.

Wij vragen u, wees alle mensen nabij die, onder wat voor omstandigheden dan ook, op blijven komen voor menswaardigheid en respect, in Myanmar en de landen om Myanmar heen, en overal in de wereld, waar mensen zuchten onder machthebbers die denken dat zij kunnen beschikken over land en mensen.

Wij bidden u voor onze wereld die zucht onder zoveel geweld, door natuur, klimaatverandering en door mensen toegebracht en we vragen u: laat uw Koninkrijk komen.

Er is haast bij.

In de naam van onze Heer Jezus Christus die de Weg, de Waarheid en het Leven is,

Amen.

Tekst: dr. Tjeerd de Boer, zendingspredikant van de Protestantse Kerk in Nederland. Als uitgezonden medewerker van Kerk in Actie doceerde hij aan het Luthers Theologisch Seminarie in Hong Kong, waar ook veel studenten uit Myanmar hun opleiding volgden. Foto: Daphne Wesdorp

Meer lezen of doneren:

Myanmar getroffen door zware aardbeving

28 mrt 2025
 lees verder
 
Hoe volgen jongeren Jezus? Ontdek het op het jeugdleidersprogramma tijdens de EO-Jongerendag

Uitdagingen van het volgen van Jezus

Dit programma, mede georganiseerd door de Protestantse Kerk, duikt in de kenmerken van deze jonge generaties en bespreekt de kansen en uitdagingen van het volgen van Jezus in hun leefwereld. Laat je inspireren door een boeiend panelgesprek met Wilke Stuij (EO BEAM), Chesron Sminia (Mozaïek 0318) en Hendrina Harmannij (Alpha Nederland), die hun ervaringen en verhalen uit het jeugdwerk delen. Daarnaast is er volop gelegenheid om met andere jeugdleiders en organisaties in gesprek te gaan. Een moment vol herkenning, nieuwe inzichten en verbinding. Mis het niet!

Praktisch

Het jeugdleidersprogramma vindt plaats tussen 14.00 en 19.00 uur in de speciale jeugdwerkerslounge. Hier ben je welkom voor koffie, gebed, gesprekken en inspiratie. Let op: om dit programma te bezoeken, heb je een ticket voor de EO-Jongerendag nodig. 

Formulier

Jeugdleidersprogramma EO Jongerendag 2025  lees verder
 
Kerk in Actie biedt hulp na aardbeving Myanmar

De bevolking van Myanmar lijdt al jaren onder het voortdurende geweld en toenemende voedseltekorten. Meer dan 3,5 miljoen mensen zijn op de vlucht, ruim 20 miljoen mensen hadden al voor deze aardbeving dringend hulp nodig. Daar komt deze ramp nu bovenop. 

Geef voor noodhulp

In Myanmar zijn al duizenden doden en gewonden. De regering heeft de noodtoestand uitgeroepen en de internationale gemeenschap om hulp gevraagd. 

Drie van onze partnerorganisaties in Myanmar bevinden zich in de zwaarst getroffen regio, vlakbij het epicentrum. Zij geven aan dat de schade immens is. Gebouwen, wegen, ziekenhuizen en bruggen zijn vernield. Veel mensen hebben geen toegang tot water, voedsel of electriciteit. Zaterdagochtend meldde een van onze collega's in Myanmar een heftige naschok in Mandalay.

Samen met onze partnerorganisaties zijn we direct begonnen met het bieden van noodhulp, onder meer in de zwaargetroffen regio Mandaly. Die hulp bestaat op dit moment vooral uit eerste levensbehoeften zoals tijdelijk onderdak, eten en schoon drinkwater. Ook via organisaties uit het internationale netwerk ACT Alliance (Action by Churches Together) bieden we noodhulp. 

Meer hulp is dringend nodig! Geen daarom nu via ons programma Noodhulp! Je gift maakt niet alleen levensreddende hulp mogelijk, het is ook een hart onder de riem voor de bevolking van Myanmar, die zich vaak vergeten voelt. 

Geef voor noodhulp

Achtergrondartikel: 

Wat doet Kerk in Actie in Myanmar?

Foto: ANP

 

 lees verder
 
De kunst van luisteren: ontdek Gods missie in je omgeving

Luisteren als fundament

Luisteren is meer dan alleen de oren openzetten. Het is een houding van openheid, respect en ontvankelijkheid. In de missionaire praktijk onderscheiden we vier dimensies van luisteren naar God in alle dingen:

  1. Luisteren met de Bijbel en gebed
    • Met de verwachting dat God nog steeds spreekt
    • Om vanuit Gods perspectief ook breder te kunnen luisteren
    • In een gezamenlijke zoektocht naar Gods plan
  2. Luisteren in de omgeving
    • Nieuwsgierig zijn naar de levens van mensen om je heen
    • Echte relaties opbouwen zonder direct een agenda te hebben
    • Ontdekken waar mensen mee worstelen en wat hen bezighoudt
  3. Luisteren in de eigen kerkgemeenschap
    • Tijd nemen om de motivaties en verlangens te begrijpen
    • Ieders unieke bijdrage en perspectief delen
    • Samen naar een gedeelde visie zoeken
  4. Luisteren in de bredere kerkgemeenschap
    • Ervaringen delen met de plaatselijke (moeder)gemeente
    • Open staan voor perspectieven van andere kerkplekken
    • Leren van de rijke traditie en hedendaagse inzichten

Praktische handvatten

Hoe luisteren?

  • Tijd nemen
  • Niet direct oordelen
  • Nieuwsgierig zijn
  • Open vragen stellen
  • Alert zijn op wat mensen werkelijk bezighoudt

Concrete stappen

  1. Omgeving verkennen
    • Lokale kranten lezen
    • Sleutelfiguren in de gemeenschap spreken
    • Verhalen van diverse groepen beluisteren
  2. Teamontwikkeling
  3. Verbinding zoeken
    • Laagdrempelige ontmoetingen organiseren
    • Mensen uitnodigen om hun verhaal te delen
    • Present zijn zonder direct te willen 'zenden'

Valkuilen vermijden

Let op voor:

  • Te snel willen handelen
  • Eigen agenda's centraal stellen
  • Mensen niet serieus nemen
  • Voorbijgaan aan de unieke context

De kern: Gods missie ontdekken

Luisteren is meer dan een techniek. Het is een spirituele houding waarbij:

  • Geloofd wordt dat God actief is
  • Opengestaan wordt voor verrassingen
  • Samen gezocht wordt naar verbinding
  • Het evangelie geleefd wordt vanuit liefde en respect

Durven vertragen. Durven luisteren.

Verdieping

Meer weten? Download het volledige, diepgaande artikel als PDF met uitgebreide achtergronden en inspiratie of volg als team of kerkenraad de online leermodule 'viervoudig luisteren'.

 lees verder
 
Kerk in kaart: handig hulpmiddel voor het maken van een beleidsplan   

Nadenken over kerk-zijn in de toekomst staat bij lokale gemeenten hoog op de kerkelijke agenda. De tool ‘kerk in kaart' helpt hen om snel een beeld van de gemeente nu te kunnen schetsen en van hoe de gemeente zichzelf over 8 jaar ziet. “Een instrument voor kerkenraden, goed te gebruiken in het kader van beleidsvorming en bij het nadenken over samenwerking”, meent Egbert van der Stouw, adviseur dienstverlening binnen de dienstenorganisatie.  

Handig hulpmiddel 

‘Kerk in kaart’ levert inzicht in het reilen en zeilen van de gemeente: hoe staat het ervoor? Het start met vragen en stellingen bij de vijf basistaken van de gemeente zoals die in de kerkorde omschreven staan: eredienst, pastoraat, diaconaat, missionaire inzet en geestelijke vorming. In welke mate lukt het om deze uit te voeren, nu en over 8 jaar? Daarna volgen de thema’s ‘bestuur & leiderschap’ en ‘financiën & leden’. “Op basis van de ingevulde scan kan de kerkenraad een goed gesprek voeren over de vitaliteit van de gemeente en een strategie uitstippelen. Daarmee is het een handig hulpmiddel om voorafgaand aan een nieuwe beleidsperiode in te vullen”, vindt Van der Stouw. “Elke gemeente moet een beleidsplan voor 4 jaar maken. ‘Kerk in kaart’ helpt om thema’s snel in kaart te brengen. Halverwege het beleidsproces, na 2 jaar, kan 'kerk in kaart' weer ingezet worden om de vinger aan de pols te houden. Liggen we op koers? Zo koppel je de tool aan een bestaand proces in de kerk.” 

Bij samenwerking 

'Kerk in kaart’ is ook behulpzaam voor gemeenten die in hun classis samen met andere gemeenten na gaan denken over eventuele samenwerking. “Het is goed als gemeenten met het oog hierop hun eigen situatie goed in beeld hebben”, meent Van der Stouw. “Ze gaan dan beslagen ten ijs het gesprek in.” 

In de classis Gelderland Zuid & Oost was hij als lid van het classisteam, samen met de classispredikant, in gesprek met twee gemeenten die willen toegroeien naar een samengaan. “Ze gaan de tool afzonderlijk invullen en vervolgens op een heidag de uitkomsten naast elkaar leggen: wat hebben we elkaar te bieden? Het vormt tegelijk een inhoudelijke agenda voor dat proces. Deze gemeenten omarmden ‘kerk in kaart’.” 

Gratis en snel 

Ook ‘Nieuw Kerkelijk Peil' wordt door gemeenten ingezet bij het maken van een nieuw beleidsplan. “Een heel goed instrument, maar ik zou ‘kerk in kaart’ daar niet mee willen vergelijken”, zegt Van der Stouw. "Bij Nieuw Kerkelijk Peil gaat het om een geestelijk proces waar je de hele gemeente bij betrekt en waarin je zicht krijgt op je mogelijkheden aan de hand van negen kernkwaliteiten van gemeente-zijn. Het is qua tijd en geld een grotere investering. ‘Kerk in kaart’ is een tool voor de kerkenraad, is gratis en snel, en geeft een scan van de vitaliteit van de gemeente nu en over 8 jaar. Gemeenten kunnen daar snel hun voordeel mee doen.” 

Ga naar het stappenplan 'Beleidsplan maken'

 lees verder
 
Ds. Corine Zonnenberg: “Steeds weer bid ik ‘God waar heeft U me vandaag nodig?'” 

  • Werkt als predikant-pionier bij pioniersplek Noorderlicht Charlois in Rotterdam en als voorzitter Lichter op padVerder lezenLichter kerk-zijn bij de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk. Daarvoor was ze jongerenwerker in Zevenhuizen, en werkte ze bij Youth for Christ als teamleider Kerk en productontwikkelaar. 
  • PABO aan de Christelijke Hogeschool Ede, daarna bachelor theologie in Leuven en de master gemeentepredikant aan de Protestantse Theologische Universiteit in Amsterdam. 
  • beweegt zich het liefst in de breedte van de kerk.  

Hoe ervaar je je roeping? 

“Als iets heel bijzonders. Het is een groot voorrecht om als dienstknecht van God te werken in zijn koninkrijk. Die opdracht geldt voor iedere gelovige, op welk vlak dan ook. Tegelijkertijd brengt roeping uitdagingen met zich mee. Drie jaar geleden zijn we als gezin verhuisd naar Rotterdam-Zuid, omdat ik me geroepen voelde om deze pioniersgemeente te leiden. Dat vraagt offers: mijn kinderen groeien op in een wijk die niet altijd veilig voelt, en het is hard werken om hier kerk te zijn. Soms vraag ik me af: wat mag mijn roeping kosten? Maar ik ervaar veel steun, ook van God zelf. Hij draagt ons erdoorheen.” 

Wat heb je nodig om met vrucht en vreugde te werken? 

“Vooral tijd en ruimte om te bidden en bij God te zijn. In de stad is veel nood. Je zou eindeloos kunnen werken. Daarom is het belangrijk om steeds opnieuw te vragen: ‘God, waar hebt U me vandaag nodig? Wat mag ik vandaag doen?’ Als ik op eigen kracht ga, loop ik mezelf voorbij. Maar soms gebeuren er dingen die duidelijk Gods leiding laten zien. Mensen komen op mijn pad en dan voel ik: dit is waarvoor ik hier ben.” 

Hoe zorg je ervoor dat je niet opbrandt? 

“Ik heb steeds meer behoefte om af en toe de stad uit te gaan en letterlijk afstand te nemen van het werk. Daarnaast helpt het om duidelijke keuzes te maken: bewust tijd vrijmaken voor mijn gezin en hobby’s, en niet alleen maar doorgaan.” 

Welk onderdeel van je werk doe je het liefst? 

“Ik geniet enorm van het voorgaan in de diensten. Elke zondag staan de deuren wijd open en komt er een divers gezelschap mensen: sommigen alleen om de kerk van binnen te zien, anderen omdat ze hulp nodig hebben. Het is bijzonder om samen na te denken over wat God vandaag tegen ons te zeggen heeft. Daarnaast vind ik de Alphacursus geweldig. Aan tafel zitten met mensen die niet gelovig zijn maar wel op zoek, levert zulke mooie gesprekken op. Het zet mijzelf ook steeds weer aan het denken: waarom bid ik? Waarom lees ik de Bijbel?” 

Welke (na)scholing heb je voor het laatst gevolgd? 

“Ik heb het mentoraat en de primaire nascholing afgerond, verplichte trajecten voor beginnende predikanten. Tijdens tweedaagse bijeenkomsten bespraken we de verschillende rollen van het predikantschap. Het was waardevol om er medestudenten te ontmoeten en ervaringen uit te wisselen.” 

Waar kan de kerk haar rol pakken in de verantwoordelijkheid voor medemens en schepping? 

“In de stad heeft de kerk een enorme kans om naar de medemens om te zien. De overheid trekt zich steeds verder terug, maar Jezus roept ons op om barmhartig te zijn en er te zijn voor mensen die buiten het systeem vallen. In Rotterdam-Zuid proberen we dat als kerk echt te doen. Onze gemeente bestaat uit veel twintigers en dertigers, een generatie die worstelt met eenzaamheid, prestatiedruk en werkdruk. Ik zie een belangrijke taak voor de kerk: mensen met elkaar verbinden. De kerk is zowel een plek om God te ontmoeten, als om in relatie met elkaar te staan.” 

Welk boek, welke serie, film of podcast raad je je collega’s aan? 

“Onlangs heb ik het boek Hemelvragen geschreven, een dagboek voor tieners. Ik zie dat veel jonge mensen grote geloofsvragen hebben en weinig antwoorden vinden. Ouders staan soms met hun mond vol tanden als hun kinderen vragen stellen. In dit boek heb ik dertig veelgestelde vragen van tieners verzameld, zoals: ‘Waarom staat God lijden toe?’, ‘Waarom moest Jezus aan het kruis sterven?’ en ‘Hoe ziet de hemel eruit?’ Het helpt ouders en jongeren om samen in gesprek te gaan over geloof. Daarnaast raad ik God heeft een naam van John Mark Comer aan. Hij beschrijft wie God is en geeft antwoorden op veel vragen die mensen in deze tijd hebben als ze nadenken over God.”

Is er een bijbeltekst die met je meegaat? 

“Psalm 91:1-2 (NBV21): Wie in de schuilplaats van de Allerhoogste is gezeten, zal overnachten in de schaduw van de Ontzagwekkende. Ik zeg tegen de HEER: ‘Mijn toevlucht, mijn vesting, mijn God, op U vertrouw ik.’ Deze tekst draag ik mijn hele leven al met me mee. In moeilijke momenten houd ik me aan deze tekst vast. De plek waar ik echt kan schuilen, is bij God. Daar put ik troost en hoop uit, iedere dag opnieuw.” 

Wat hoop je voor de toekomst van de kerk? 

“Ik geloof dat de kerk de plek is waar God werkt en dat Hij doorgaat met zijn werk. Veel jongeren zijn op zoek, ze lopen vast in alles wat het leven van hen vraagt. Jezus heeft daar een antwoord op: Kom naar Mij toe. Ik hoop dat de kerk altijd een vindplaats van geloof blijft, een plek met open deuren waar mensen God kunnen vinden en ontmoeten.” 

 > Corine Zonnenberg interviewde onlangs de acteurs van The Passion 2025. Ze vond het mooi hoe zij zich verdiepen in hun rol en echte vragen stelden als ‘Waarom maakt mijn personage deze keuze?’ Zelf schuift ze op 17 april aan bij Passiontalk. Haar gemeente kijkt in het buurthuis in Charlois. Wil jij met je gemeente ook een kijkavond organiseren? Bestel de gratis materialen! 

 lees verder
 
Jaarthema 2025-2026 nodigt uit tot verwondering

Dit thema is gebaseerd op het laatste hoofdstuk uit de visienota 'Midden in het leven' en nodigt gemeenten uit om met nieuwe ogen te kijken naar de werking van Gods Geest in het dagelijks leven.   

Ontvankelijkheid   

Het jaarthema daagt gemeenten uit om bewust aandacht te schenken aan de onverwachte manieren waarop de Geest zich manifesteert, zowel binnen als buiten de kerkmuren. Het stimuleert gemeenteleden om ontvankelijk te zijn voor Gods aanwezigheid in het alledaagse en te herkennen hoe de Geest werkt.   

"Gods Geest is altijd in beweging en vindt steeds nieuwe, verrassende wegen," aldus scriba René de Reuver. "Dit jaarthema nodigt ons uit om met verwondering te kijken naar wat er om ons heen gebeurt en te ontdekken hoe de Geest werkzaam is in kerk én samenleving. Het gaat erom dat we als gemeenten leren meebewegen met Gods missie en ons laten verrassen door zijn creatieve werk in het leven van alledag."   

De scriba moedigt gemeenten aan om het jaarthema op te pakken en er lokaal invulling aan te geven. “Het thema biedt mogelijkheden voor verdieping en vernieuwing in de gemeentelijke praktijk, waarbij de focus ligt op het opmerkzaam zijn voor Gods Geest in het midden van ons bestaan.”   

Illustratie bij jaarthema   

De afbeelding uit de visienota die het hoofdstuk 'Midden in het leven' vertegenwoordigt, weerspiegelen precies hoe Gods Geest ons verrast met Zijn creatieve werking in de veelkleurigheid van het dagelijks bestaan. 

De illustratie toont een vlamvormig symbool in levendige kleuren dat de veelzijdige werking van Gods Geest uitbeeldt. De witte lijn die door het symbool loopt, verwijst naar de Heilige Geest als een duif, terwijl de vlam de vurigheid van de Geest symboliseert. De druppel staat voor het levengevende water en de kleurigheid representeert zowel de creativiteit van de Schepper als de veelkleurigheid van de schepping en de kerk.   

Rode draad   

De dienstenorganisatie gebruikt het jaarthema als rode draad voor haar dienstverlening en ontwikkelt diverse materialen die gemeenten kunnen gebruiken in hun activiteiten. Er komt in ieder geval gespreksmateriaal, een bijbelquiz, een fotospel en liturgische suggesties. Deze komen in mei beschikbaar. Ook komt het thema terug in landelijke uitingen zoals de Protestantse Lezing, de advents- en veertigdagentijdkalender. 

 lees verder
 
Bestel nu: flyer met uitleg voor gemeenteleden over bijdrage aan Solidariteitskas

Alle plaatselijke gemeenten dragen jaarlijks bij aan de Solidariteitskas. Een gemeente die financiële steun nodig heeft om een vernieuwend plan uit te voeren kan subsidie aanvragen bij de Solidariteitskas.

Subsidiemogelijkheden

Gemeenten kunnen subsidie aanvragen voor samenwerkings- en revitaliseringskosten en fusieprocessen met andere gemeenten. Ook kan een bijdrage worden verstrekt in de kosten van nieuwbouw, verduurzaming, restauratie van een kerkgebouw of kerkorgel, als de gemeente hiervoor zelf niet voldoende financiële middelen heeft. 

De kerk open in Coevorden

Een voorbeeld van zo’n subsidie is de financiële bijdrage voor het samengaan van de hervormde gemeente en de gereformeerde kerk in Coevorden. Met een perspectiefsubsidie uit de Solidariteitskas konden de beide gemeenten een extern adviseur inschakelen om het proces van samengaan te begeleiden en een kerk te worden voor de hele buurt. “Als nieuwe Protestantse Gemeente Coevorden willen we de kerk ook doordeweeks openstellen voor de hele buurt", vertelt kerkrentmeester Leen Jansen Schoonhoven. Elke week is er een spelletjesmiddag voor ouderen, er is een kerkcafé in de kerkzaal voor koffie, thee en gesprek. “En we dromen van meer: we willen iedere dag een plek zijn waar je problemen en zorgen met elkaar kunt delen en waar we kunnen laten zien hoeveel moois het geloof en de kerkgemeenschap bieden.”

Bestel de nieuwe flyer

Met de flyer informeer je gemeenteleden aan de hand van een voorbeeld over het doel en de noodzaak van een bijdrage aan de Solidariteitskas. Bestel de flyer voor 2025 gratis via de webwinkel van de Protestantse Kerk.

Bestel de flyers

Lees meer over de subsidiemogelijkheden via de Solidariteitskas:

Solidariteitskas

 

 lees verder
 
Licht van Christus: het symbool van de Paaskaars

Aanwezigheid van Christus 

‘Ik ben met u, alle dagen, tot aan de voleinding der wereld’, zegt Jezus (Matteüs 28:20). Dat betekent dat de paaskaars altijd brandt, omdat hij Christus’ aanwezigheid bij de vierende gemeente representeert. In sommige gemeenten wordt de kaars aan het begin van de dienst aangestoken. De gedachte daarachter is dat Christus in ons midden verschijnt wanneer de gemeente samenkomt, en niet de indruk wordt gewekt dat zijn aanwezigheid met het gebouw van de kerk verbonden is. In de meeste kerken brandt de paaskaars echter al als de gemeente de kerkruimte binnenkomt, omdat Christus’ aanwezigheid niet van ons afhankelijk is; zijn licht straalt ons al tegemoet, zijn aanwezigheid gaat aan die van ons vooraf. 

Consequent branden 

In deze betekenis krijgt de paaskaars de functie die de Godslamp in de synagoge heeft, die bij de ark met de Thorarollen hangt, of in rooms- en oud-katholieke kerken bij de tabernakel met het eucharistisch brood. Die verwijzen ook naar de voortdurende aanwezigheid van God respectievelijk Christus. Het licht valt overigens niet samen met deze goddelijke aanwezigheid – het is niet zo dat deze aanwezigheid er niet is als het licht per ongeluk niet brandt of onbedoeld gedoofd raakt – maar het verwijst er symbolisch naar. En omdat liturgische symbolen hun betekenis krijgen door er consequent mee om te gaan, is het wenselijk dat deze lichten consequent branden. 

Praktisch gesproken kun je in een kleine liturgische setting, bijvoorbeeld bij een middaggebed in het liturgische centrum of de stilteruimte van de kerk na een vergadering, natuurlijk het licht even aansteken. Lied 285 is geschikt om daarbij te spreken of zingen en wijst erop dat het licht aan ons voorafgaat: ‘Het licht is ons voorgegaan en straalt als een lopend vuur’, of lied 284: ‘Christus, Gij zijt het licht in ons leven’. Een parallel hieraan is een kleine versie van de paaskaars die een predikant in zijn werkkamer ontsteekt voorafgaande aan een pastoraal gesprek: ook dan is Christus immers aanwezig. 

Eerste licht 

Samen met de paaskaars worden in de paaswake ook vaak doopwater, antependium, avondmaalsgerei en bloemen de kerk binnengedragen. Symbolisch werkt dit alleen wanneer ze op Witte Donderdag na de viering ook zijn weggedragen en er een lege, kale ruimte is overgebleven. De gedachte hierachter is dat op de paasochtend alles vernieuwd is, er is compleet nieuw leven ontstaan. Is er in de gemeente geen paasnachtviering, dan brandt de paaskaars al op paasochtend, want Christus was al opgestaan toen de vrouwen in de vroege morgen ontdekten dat het graf leeg was. 

Omdat de paaskaars bij uitstek symbool is van nieuw leven door de dood heen, is het logisch dat deze dicht bij het doopvont staat. Al het lichtVerder lezenHet licht in de eredienst – tafelkaarsen, kaarsen voor kinder- of tienerdienst, doop- en belijdeniskaarsen, gedachteniskaarsen bij een uitvaart – wordt aan de paaskaars aangestoken. Niet omgekeerd, omdat Christus het licht is waarin al ons geloven en hopen begint. Het begint niet bij onszelf. Bij een uitvaart, waar ook sprake is van dood en opstanding, staat de paaskaars zo mogelijk naast het lichaam van de overledene. 

Van Pasen tot Pinksteren 

In rooms- en oud-katholieke kerken brandde de paaskaars vanouds alleen van de paasochtend tot en met de evangelielezing op HemelvaartsdagVerder lezenBetekenis van Hemelvaart, wezenzondag en Pinksteren, als symbool van de veertig dagen dat Jezus na zijn opstanding aan de leerlingen was verschenen (Handelingen 1:3). Sinds het Tweede Vaticaans Concilie brandt de kaars echter tot aan Pinksteren, evenals bij ‘doorgangsmomenten’ als doop en uitvaart. Zo worden de vijftig dagen van Pasen symbolisch bij elkaar gehouden en zijn opstanding, hemelvaart en de zending van Gods Geest één samenhangende, feestelijke beweging. Gaat het licht daarna uit dan? Nee, de gedachte is dat na Pinksteren de gemeente zelf drager wordt van het licht. De Geest is immers over haar uitgestort. Christus is het licht, de gemeente de kandelaar (zie ook lied 500). 

Gedoofd, uitgeblazen of aangeblazen? 

Deze laatste gedachte heeft wel consequenties voor hoe de paaskaars uitgaat. Gebeurt dit met Pinksteren (of aan het eind van een ander liturgisch moment), dan moet hij niet met een kaarsendover gedoofd worden, want dan gaat hij als een nachtkaars uit. Het is juist de bedoeling dat het licht de gemeente wordt aangeblazen. Blazen dus, en niet doven, én in de richting van de gemeente. 

Dooft men de kaars op Goede Vrijdag, ook dan is het symbolisch mooier om hem uit te blazen dan te doven. Jezus geeft immers de Geest. Het is zijn laatste ademtocht die zijn tijdelijke afwezigheid tijdens de Stille Zaterdag inluidt. Toch kan men overwegen op de avondmaalstafel of bij het kruis een klein lichtje te laten branden. Ook in de dood blijft God aanwezig. 

Een andere mogelijkheid is om met alle liturgische attributen na de maaltijdviering op Witte Donderdag de kaars de kerk uit te dragen en in een stiltekapel aan het zicht te onttrekken. Dan wordt het moment van uitblazen, dat soms als anti-symbool ervaren wordt, op een stijlvolle manier vermeden. 

Zorgvuldig 

Liturgisch handelen is altijd symbolisch handelen. Symbolisch handelen vraagt doordenking en bewuste en consequente keuzes. Als je je niet bewust bent wat je met een symbool wilt uitdrukken, gaat de beeldtaal ervan zichzelf tegenspreken. Liturgiecommissies kunnen het gesprek aangaan wat passend is, op de eigen plek waar gevierd wordt maar ook in verbondenheid met de symboliek in de oecumene van de kerk. 

En praktisch: als het lontje te diep in de kaars zit, snijd dan niet een stuk van de kaarsranden af maar duw de randen van de nog warme kaars iedere keer een beetje naar binnen. Een mooi symbool vraagt om een beetje respect. 

Met dank aan Willem Timmerman 

Uit de praktijk 

Klaas Touwen, predikant van de Oude Kerk in Amsterdam en van de Nederlandse Kerk in Duitsland:

“De paaskaars doven op Goede Vrijdag kan niet” 

“Je kunt van alles doen met de paaskaars, maar deze niet doven op Goede Vrijdag. De paaskaars is teken van de verrezen Christus die bij ons is, de levende Heer in wiens aanwezigheid wij samenkomen. Op Goede Vrijdag brandt de paaskaars überhaupt niet. Als je de paaskaars uit zou blazen als Jezus sterft, krijg je kortstuiting in de symboliek. De paaskaars symboliseert dan de aardse Jezus die doodgaat, terwijl de paaskaars altijd de levende Christus is, de verrezen Heer. Dat kan dus niet. Er blijft altijd minstens één kaars branden, Jezus gaat niet als een nachtkaarsje uit. In de protestantse traditie is het iedere zondag een klein Pasen, in veel gemeenten brandt de paaskaars altijd. Dat is op zich een goede traditie. De paaskaars hoort dan al wel te branden als de gemeente samenkomt. De eerste persoon die binnenkomt steekt de paaskaars aan, vaak is dat de koster.”  Idelette Otten, predikant in de Grote Kerk Dordrecht: 

“De paaskaars is echt voor de paastijd” 

“Ik wist niet beter dan dat de paaskaars in de protestantse traditie het hele jaar door brandt. Maar na mijn allereerste dienst, in de Oude Kerk in Amsterdam, kwam de omslag. Het was eind december. Na afloop zei mijn leermeester, de dominicaner pater Jill Klappe, tegen mij: ‘Het was een mooie dienst, maar hoe haal je het in je hoofd om de paaskaars te laten branden?’ Ik ben me erin gaan verdiepen en kwam tot de conclusie dat hij gelijk had. De paaskaars hoeft niet altijd te branden, de adventskaarsen branden ook niet het hele jaar. De paaskaars is echt voor de paastijd. Dat je deze ontsteekt in de paasnacht, daar is iedereen het over eens. Je dooft de kaars dan weer met Pinksteren, dat sinds het Tweede Vaticaans Concilie weer als einde van de paastijd wordt beschouwd. Pinksteren is het moment dat Jezus de geest gééft. Je blaast de kaars dan niet uit maar je blaast als het ware de gemeente ermee aan. In mijn vorige gemeente in Vleuten blies het jongste kind met Pinksteren richting de gemeente waarbij de kaars als vanzelf doofde. Daarna stond de paaskaars bij het doopvont, om enkel nog te branden bij de doorgangsmomenten van doop en uitvaart.” 

 lees verder
 
Interactieve 40dagenchallenge in Bennekom rond duurzaam thema 

Als inwoner van het dorp zelf een steentje bijdragen aan duurzaamheid, dat is wat ‘Duurzaam Bennekom’ beoogt met zijn activiteiten. De inspiratie daarvoor komt ‘uit de geloofsbasis om liefde en recht te doen aan de aarde en aan mensen’, zo vermeldt de website. Het initiatief komt vanuit de hervormde en de gereformeerde kerk van Bennekom. Bijna duurzaamheidsinitiatieven in het dorp, zoals het Repaircafé, en de zwerfafvalbrigade, zijn aangesloten. 

40dagenchallenge 

Gerard van der Laan, een van de initiatiefnemers van Duurzaam Bennekom en aangesloten bij de gereformeerde Brinkstraatkerk, vindt de Veertigdagentijd een prima tijd om na te denken over de impact van je gedrag op de aarde. “Het is een periode van inkeer, en het is een beperkte periode, 40 dagen. Daarvoor kun je een mooi programma bedenken. Dit jaar wilde een groepje graag bezig met lokale, biologische en duurzame voeding. Wat je op je bord hebt, maakt uit voor je impact op de aarde. We bijten ons zes weken lang in het thema vast. Het thema is natuurlijk voor álle Bennekommers relevant, en leuk is dat de deelname van niet-kerkelijke inwoners groot is. Het zorgt voor verbinding tussen kerk en dorp, tussen kerkleden en niet-kerkleden.” 

De activiteiten 

Hoe kun je beter voor de aarde zorgen, dat is in het kort de 40dagenchallenge. De deelnemers krijgen daarvoor inspiratie via onder meer nieuwsbrieven. Ze krijgen ook een opdracht mee: wat is jouw challenge? Een boekje met QR-codes geeft tips en inspiratie voor alle dagen in de vastentijd. 

Het programma bevat acht activiteiten waarmee ze zelf iets kunnen proberen. Van der Laan: “De aftrap was op Aswoensdag met een fantastische lezing van Natasja Oerlemans van het Wereld Natuur Fonds. Zij heeft het mondiale plaatje laten zien en had goede tips, bijvoorbeeld als het gaat om je koopgedrag in de supermarkt. Er waren 9 lokale initiatieven aanwezig rond voeding en duurzaam eten. De bijna 100 deelnemers lieten zien dat het thema leeft. 

Een greep uit de andere activiteiten: kookworkshops, een kinderkookboek gemaakt door de basisscholen, een bijeenkomst om ervaringen en tips rond de plantaardige keuken uit te wisselen, een excursie naar een zorgboerderij met boerderijwinkel en een wereldse maaltijd, bereid door mensen uit het azc onder het mom ‘samen eten verbindt’. De afsluiting van de 40dagenchallenge wordt gevormd door de Food Floor: (h)eerlijk eten uit de wereldkeuken, met een terugblik op de challenge. “We stoppen vóór de Stille Week, dan zijn er al veel kerkelijke activiteiten.”  

Een beweging 

Doordat alle duurzaamheidsinitiatieven in Bennekom aangesloten zijn bij Duurzaam Bennekom, kun je langzamerhand spreken van een ‘beweging’, meent Van der Laan, en die groeit langzaam. “We genereren aandacht in onder meer de kerkbladen en lokale media. Er zijn inmiddels 400 nieuwsbriefabonnees. We krijgen enthousiaste reacties, tijdens bijeenkomsten of achteraf, via de mail. Ook de betrokken kerkenraden zijn enthousiast. Elk jaar vertellen we wat we gedaan hebben en wat we van plan zijn. We verantwoorden onze uitgaven. De kosten zitten in de website, de promotie en in de organisatie van activiteiten. De kerkgebouwen, waar veel bijeenkomsten plaatsvinden, zijn kosteloos beschikbaar.” 

Het verschil maken 

Persoonlijk voelt Van der Laan een enorme verantwoordelijkheid om informatie te delen en niet stil te zitten. “We staan als mensheid voor een aantal heel grote uitdagingen qua klimaatverandering, biodiversiteit en vervuiling, het is alle hens aan dek. Door mijn professie weet ik veel van deze mondiale trends, ik neem mensen hier graag in mee. Het delen van kennis en kunde kan helpen om het verschil te maken en mensen in beweging te krijgen.”  

De 40dagenchallenge is door andere gemeenten vrij gemakkelijk te kopiëren, denkt Van der Laan. "Vraag je wel altijd af: wie is de doelgroep? Betrekken we alleen de kerk of ook ons dorp of de wijk? Kunnen we wellicht aansluiten bij andere activiteiten? Of kunnen we ons bestaande veertigdagentijdproject groen inkleuren? Als het een succes wordt, moet je het jaar daarop weer iets moois bedenken. Weet waar je aan begint, het kost veel tijd. Bedenk of je daar de capaciteit voor hebt.” 

 lees verder
 
Wat zijn de taken van de beroepingscommissie? 

De rol van de beroepingscommissie 

De beroepingscommissie organiseert zelfstandig het beroepingsproces, verricht onderzoek en doet een voordracht aan de kerkenraadVerder lezenWat zijn de taken van de kerkenraad? over de invulling van de predikantsvacature. Het uitgangspunt hierbij is dat de nieuwe predikant(e) zo goed mogelijk aansluit bij het door de kerkenraad opgestelde profiel. Dit profiel beschrijft de gewenste eigenschappen, vaardigheden en visie van de te beroepen predikant(e) of proponent (afgestudeerd theoloog die beroepbaar is maar nog niet bevestigd in het ambt van predikant). 

Een handleiding bij en informatie over het beroepingsproces is te vinden in de Gids voor het beroepingswerk, beschikbaar op de website van de Protestantse Kerk.  Zie ook stappenplan beroepingswerkVerder lezenBeroepingscommissie - stappenplan speciaal voor beroepingscommissies.  

Werkzaamheden van de commissie 

De werkzaamheden van de beroepingscommissie zijn divers en bestaan uit de volgende onderdelen: 

Organisatie 

  • De commissie benoemt een voorzitter, een secretaris en een contactpersoon voor de te beroepen predikant. Deze persoon houdt de kandidaten op de hoogte van de voortgang van het proces. Er wordt een duidelijke werkwijze opgesteld, inclusief een tijdpad en een taakverdeling. 
  • De commissie wordt begeleid door een consulent die de commissie adviseert en het juiste verloop van het proces en de procedure bewaakt. 

Voorbereiding 

  • Identiteitsgebonden thema’s worden vooraf besproken om helderheid te scheppen over mogelijke gevoeligheden. 
  • Er wordt een informatiepakket samengesteld dat o.a. de profielschets van de gemeente en van de predikant, het beleidsplan en de selectieprocedure bevat. 

Selectie en hoorcommissie 

  • De commissie bepaalt hoe de procedure verloopt en besluit of voor het horen van een predikant of proponent eerst een gesprek wordt gevoerd. 
  • Benader de predikanten op de kandidatenlijst een voor een. Kies je ervoor om met meer dan één predikant een oriënterend gesprek te voeren, zorg dan voor een goede communicatie over dit proces. 
  • De commissie stelt uit haar midden een hoorcommissie samen (minimaal 3 en maximaal 6 personen) die verslag doet aan de rest van de beroepingscommissie. 
  • Bij een hoorcommissie met twee groepen is het gebruikelijk dat één groep een ‘second opinion’ vormt door een kerkdienst van de predikant/proponent bij te wonen. 
  • Na een positieve uitkomst volgt een vervolggesprek met de kandidaat door de hele beroepingscommissie. 
  • De reiskosten van een predikant/proponent voor een gesprek worden vergoed. Dit geldt ook voor de te maken onkosten van de leden van de beroepingscommissie. 

Rapportage en advies 

  • Regelmatige voortgangsrapportages worden gedeeld met de kerkenraad (minimaal maandelijks).  
  • De commissie streeft naar unanimiteit bij het uitbrengen van een advies, tenzij vooraf andere afspraken zijn gemaakt, zoals een meerderheid van 80%.  

Geheimhouding en evaluatie 

  • De commissie gaat zorgvuldig om met vertrouwelijke informatie en maakt afspraken over opslag, teruggave en vernietiging van gegevens. 
  • Na afloop wordt het beroepingsproces geëvalueerd en een eindrapportage opgesteld. 

Vaardigheden van de commissieleden 

De leden van de beroepingscommissie vormen het gezicht van de gemeente voor de te beroepen predikant en moeten daarom als team goed op elkaar ingespeeld zijn. Belangrijke vaardigheden zijn: 

  • goede gespreksvaardigheden; 
  • geestelijk onderscheidingsvermogen; 
  • kennis van de gemeente, haar beleid en het predikantsprofiel; 
  • zorgvuldigheid en correctheid in de omgang met kandidaten. 

Een trainingVerder lezenBeroepingswerk voor commissies voorafgaand aan het proces kan helpen om de samenwerking en vaardigheden van de commissie te versterken. 

Bevoegdheden en randvoorwaarden 

De beroepingscommissie werkt binnen de kaders die door de kerkenraad zijn vastgesteld. Dit betreft bijvoorbeeld afspraken over de pastorie, het profiel van de predikant en de selectiecriteria. Mocht de commissie hier tijdens het proces tegen obstakels aanlopen, dan wordt hierover in overleg met de kerkenraad een oplossing gezocht. 

Zorgvuldigheid en communicatie 

Het beroepingswerk vraagt om een zorgvuldige omgang met zowel de belangen van de gemeente als die van de kandidaten. Kandidaten moeten weten waar ze aan toe zijn en hoe het proces verloopt. Dit betekent: 

  • Reageer op ontvangen brieven;
  • Communiceer na elk gesprek duidelijk over het vervolg;
  • Vermijd lange stiltes in de procedure;
  • Informeer de gemeenteleden geregeld over de voortgang van het beroepingswerk. (Alleen wat betreft het proces, namen van kandidaten worden niet gedeeld.) 

Geheimhouding 

Geheimhouding speelt een belangrijke rol in het beroepingsproces. Om informatie niet voortijdig te laten uitlekken, wordt zorgvuldig omgegaan met schriftelijk en digitaal materiaal. Vertrouwelijke gegevens, zoals sollicitatiebrieven van afgewezen kandidaten, worden na afloop vernietigd. Andere stukken, zoals verslagen, worden gearchiveerd. 

Valkuilen 

  1. Gebrek aan unanimiteit Als de commissieleden niet op één lijn zitten, kan dit leiden tot spanningen en onduidelijkheid in het advies aan de kerkenraad. Dit benadrukt het belang van duidelijke afspraken en gezamenlijke besluitvorming. 
  2. Onvoldoende communicatie Te weinig of onduidelijke communicatie naar de gemeente, kandidaten of kerkenraad kan leiden tot frustratie of wantrouwen. Regelmatige updates en transparantie zijn essentieel.
  3. Te lange procedures Een langdurig beroepingsproces kan vermoeiend zijn voor zowel de commissie als de kandidaten. Het risico bestaat dat goede kandidaten afhaken of dat de betrokkenheid van de gemeente afneemt. Dit kan voorkomen worden door niet met veel kandidaten tegelijk in gesprek te gaan en een strak tijdpad. Houd de zondagen vrij in de agenda om te kunnen gaan horen. 

Kansen 

  1. Sterke verbinding met de gemeenteDoor het beroepingsproces zorgvuldig en transparant te organiseren, kan de commissie een sterke verbinding creëren tussen de gemeente en de nieuwe predikant. Dit versterkt het draagvlak voor de keuze. 
  2. Teamontwikkeling binnen de commissie De samenwerking binnen de commissie biedt een kans om als team te groeien en gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor een belangrijk proces binnen de gemeente. 
  3. Duidelijke positionering van de gemeenteDoor het opstellen en communiceren van een helder gemeente- en predikantsprofiel kan de commissie laten zien waar de gemeente voor staat. Dit helpt bij het aantrekken van een predikant die écht bij de gemeente past. 
 lees verder
 
Rabbijn en predikant in gesprek over de mens

De mens is naar Gods beeld geschapen, dat hoor je in de kerk en in de synagoge. Maar wat wordt daar eigenlijk mee bedoeld? En wat betekent dat voor het dagelijks leven?  

Zo op het eerste gezicht zijn het brede vragen om een gesprek met een rabbijn en een dominee te beginnen. Maar Corrie Zeidler, rabbijn van de Liberaal Joodse Gemeente Utrecht en joods geestelijk verzorger bij Justitie, komt meteen ter zake. “In het jodendom betekent het naar Gods beeld geschapen zijn dat elk mens een ‘goddelijke vonk’ in zich heeft. Dit houdt in dat mensen partners van God zijn op aarde, waarbij de hemel van God is en de aarde van de mens.” Ze wijst op het scheppingsverhaal in Genesis 1:26. “God zegt daar: ‘Laten wij een mens maken, naar ons beeld.’ Die passage impliceert bovendien dat man en vrouw tegelijkertijd zijn geschapen, wat de gelijkwaardigheid van beide geslachten benadrukt.” 

Het goede doen 

Winanda de Vroe, predikant van de Protestantse Gemeente Oisterwijk, veert verheugd op. “Zo denk ik er ook over, jazeker.” Zij is, benadrukt De Vroe, niet iemand die zegt dat de mens ‘in zonde ontvangen is’, zoals de christelijke traditie ook leert. Stellig: “Dat is niet echt mijn wereldbeeld en ook niet mijn geloofsbeeld. Het Nieuwe Testament, en met name Johannes, legt sterk de nadruk op de mens als een zondig wezen en het idee dat Jezus is gekomen om de zonden van de mensen te verzoenen. Ik had daar tijdens mijn studie theologie aan de Vrije Universiteit al moeite mee.” Tegelijkertijd ontkent ze niet dat de mens een schaduwkant heeft. “Natuurlijk zie ik dat.” Zeidler wijst op het verhaal van Noach. “Daar lezen we dat God spijt had dat hij de mens en de wereld had geschapen. En toen is hij opnieuw begonnen.” De Vroe: “Met de enige rechtvaardige, ja. De Bijbel spreekt over de slechte neigingen van de mens, maar er is altijd de mogelijkheid om het goede te doen, zoals je ziet in dit verhaal. Ik denk juist dat we dat moeten benadrukken, dat we moeten oproepen om het goede te doen, dat we altijd de voorwaarden moeten scheppen om het goede mogelijk te maken.” 

Joodse oorsprong 

De Vroe houdt zich al jaren intensief bezig met de joodse oorsprong van het christendom. Dat heeft haar kijk op het geloof doen kantelen. In de loop van de tijd kwam ze tot het inzicht dat veel van de christelijke dogma's en tradities lang niet altijd in lijn zijn met de oorspronkelijke boodschap van de Bijbel. Zo veranderde haar visie op Jezus. “Waar ik eerder Jezus als de Christus beschouwde, ben ik Hem meer gaan zien als een Joodse leraar en broeder die de mensen oproept tot verantwoordelijkheid en het maken van morele keuzes.” Rabbijn Zeidler knikt instemmend: “Jezus was ook gewoon een Joodse rebbe die met een aantal leerlingen door het land reisde. Hij riep mensen op tot verantwoordelijkheid en wees hen op hun morele plichten. Ik denk dat je als christen de figuur van Jezus in die context pas echt kunt begrijpen.” 

Goed en kwaad 

Terug naar het onderwerp waarmee we het gesprek begonnen. Want als de mens naar Gods beeld geschapen is, wat betekent dat dan concreet? Zeidler: “Dit houdt in dat mensen autonoom zijn en de mogelijkheid hebben om keuzes te maken, inclusief het maken van keuzes tussen goed en kwaad.” Ze legt uit dat de verantwoordelijkheid van de mens om goed te handelen en de medemens als gelijkwaardig te beschouwen, centraal staat in de joodse ethiek. “Dit betekent dat het leven volgens de opdracht van God, vooral in de relaties met anderen, van groot belang is.” 

Verzoening is daarbij een sleutelwoord, zo blijkt. “Ik geloof dat verzoenen met andere mensen van groot belang is en dat het een verantwoordelijkheid is die elke persoon moet nemen.” Ze benadrukt dat het essentieel is om eerst verantwoordelijkheid te nemen voor je daden tegenover anderen, voordat je vergeving van God kunt vragen. “Dit houdt in dat als je iemand iets kwaad hebt aangedaan, je niet alleen God om vergeving moet vragen maar je het eerst moet goedmaken met de persoon die je pijn hebt gedaan.” Zeidler zelf reflecteert regelmatig op haar daden, bijvoorbeeld tijdens een avondgebed waarin ze God vergeving vraagt voor haar fouten en ook vergeving geeft aan anderen. “Dit ritueel helpt om de dag af te sluiten met een schone lei. Dit proces van verzoening is niet alleen individueel, maar ook collectief, vooral binnen de gemeenschap, zoals tijdens Jom Kippoer (Grote Verzoendag, gjk).” 

De Vroe: “Als ik voorga als predikant bid ik om vergeving voor wat wij de ander misschien hebben aangedaan zonder er erg in te hebben.” Dat doet ze bewust ook bij uitvaartdiensten. “Zo breng je onopgeloste zaken gezamenlijk bij God, zonder dat dit altijd rechtstreeks naar elkaar uitgesproken hoeft te worden. Dit biedt een gelegenheid voor de gemeenschap om samen te reflecteren op en te verzoenen met wat er niet goed is gegaan. Dat kan helpen om verder te kunnen gaan in het leven.” 

Betere versie 

Vergeving en verzoening kan soms een onmogelijke opgave zijn. De Vroe: “Er zit wel een grens aan mijn vergevingsgezindheid.” Ze verwijst naar een verhaal van een vrouw die haar geliefde, een christelijke evangelist in Algerije, had verloren en de moordenaars vergeving bood. “Ze schreef een brief aan die moordenaars, moslimextremisten, dat ze van hen houdt, omdat God ook van hen houdt. En toen dacht ik, dat zou ik nou nooit kunnen.” 

Zeidler vertelt dat ze een aantal dagen in de week als gevangenisrabbijn werkt en zodoende ook bij veroordeelde criminelen in de cel komt. Ze gelooft dat iedereen, zelfs degenen die ernstige misdaden hebben gepleegd, de mogelijkheid heeft om te veranderen. Al valt dat niet altijd mee, erkent ze. “Het kan moeilijk zijn om deze vonk te zien in mensen die ernstige misdaden hebben gepleegd, omdat zij daarmee de goddelijke vonk in een ander hebben gedoofd.” 

Hoe gaat zij daarmee om? “Ik ben geen rechter, geen politie, ik hoef niet te ondervragen. Ik ben daar puur om te proberen om in de mens die tegenover me zit de goddelijke vonk te zien, ongeacht zijn daden. Ik benader iedereen altijd met het voordeel van de twijfel. Ik probeer ze handvatten te geven om een beter mens te worden, een betere versie van zichzelf.” 

Persoonlijk verantwoordelijk 

Zeidlers ervaringen in de gevangenis hebben haar geleerd dat verandering alleen mogelijk is als de persoon tegenover haar zelf bereid is om het roer om te gooien. “Ik kan ideeën en teksten aanbieden, maar uiteindelijk ligt de verantwoordelijkheid voor verandering bij de individuen zelf. Dit laat meteen weer de opdracht van de persoonlijke verantwoordelijkheid zien en de kracht van vergeving, zowel naar anderen als naar jezelf.” 

Ze haalt koning David aan als een voorbeeld van iemand die veel fouten maakte, maar toch een belangrijke rol speelt in de geschiedenis en de traditie. “Ondanks zijn zonden wordt er gezegd dat de Messias uit zijn geslacht zal komen. Dit illustreert dat zelfs mensen die ernstige fouten hebben gemaakt, zoals David, nog steeds een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de mensheid, en dat er altijd ruimte is voor vergeving en herstel.”  

 lees verder
 
Ds. Matthijs Geluk: “De kerk is een stem voor kwetsbare groepen in samenleving” 

  • directeur van stichting Epafras. Daarvoor was hij door GZB uitgezonden naar Peru als toeruster voor de Presbyteriaanse Kerk, en eerder werkte hij als gemeenteadviseur bij Kerk in Actie. 
  • studie theologie in Utrecht en master gemeentepredikant aan de Protestantse Theologische Universiteit in Utrecht.  
  • voelt zich thuis in de breedte van de kerk, en wil er geen label op plakken. 

Hoe ervaar je je roeping? 

"Roeping betekent voor mij de overtuiging dat je het goede doet. Ik had vroeger nooit kunnen bedenken dat ik op deze plek zou terechtkomen. Dat ervaar ik als leiding van boven. Het is voor mij iets dynamisch: je bent als christen geroepen om te leven als leerling van Jezus. Daarin ga je een weg. Zeker bij het wisselen van baan denk je na over de richting die je moet inslaan. Als ik terugkijk zie ik een rode draad die verdergaat dan alleen die specifieke keuzemomenten.” 

Wat heb je nodig om met vrucht en vreugde te werken?  

“Dat ik echt ergens ‘voor kan gaan', en niet alleen werk voor mijn inkomen. Daarnaast vind ik goede relaties met anderen en een basis van vertrouwen belangrijk in mijn werk.” 

Hoe zorg je ervoor dat je niet opbrandt? 

“Sinds ik bij Epafras aan de slag ben, werk ik bewust weer op kantoor. Werk en privé zijn dan beter te scheiden. Als ik merk dat ik te veel tijd achter een scherm doorbreng, helpt het om een goed boek te pakken en te verdwalen in een verhaal.” 

Welk onderdeel van je werk doe je het liefst? 

“De bezoeken aan gedetineerden zijn altijd indrukwekkend. Ik vind het ook leuk om voor groepen te staan, en in een gemeente of op school iets te vertellen over het werk van Epafras. Voor mij is het dagelijkse kost, maar voor veel mensen staat het ver van hun bed. Het is mooi om dat dichterbij te brengen.”  

Welke scholing heb je voor het laatst gevolgd? 

“Een cursus leidinggeven. Daarin leerde ik te kijken naar mezelf, hoe ik reageer op anderen en in bepaalde situaties. Een erg leerzaam traject.”  

Waar kan de kerk haar rol pakken in de verantwoordelijkheid voor medemens en schepping? 

“Ik denk dat iedere lokale kerk moet kijken wat er in de eigen omgeving op haar pad ligt. Reageer op wat er gebeurt in je buurt en laat mensen daarin tot hun recht komen. Vanuit mijn eigen werk denk ik dan aan gedetineerden. Zij vormen een heel specifieke groep binnen onze samenleving, maar ze horen er wel bij. Jezus leert ons barmhartig naar hen om te zien. Onze overheid roept dat het gevangenisregime strenger en soberder moet. Dat klinkt ferm, maar het helpt niemand. Als je strenger straft, krijg je mensen die harder ‘afgerost’ zijn en niet toegerust op terugkeer in de samenleving. Welk probleem los je daarmee op? Als mensen hun straf hebben uitgezeten, moeten ze weer opnieuw kunnen beginnen. Als je als kerk je verantwoordelijkheid wilt nemen, dan moet je tegen dit soort stemmen opstaan en zeggen: hoor eens, dat doen we zo niet.” 

Welk boek, welke serie, film of welke podcast raad je collega’s aan?  

“De laatste jaren dat ik in Peru werkte heb ik een cursus gedaan naar aanleiding van ‘The Forgotten Ways’, een boek van Alan Hirsch, een missioloog uit de pinksterbeweging. Hij dwingt je om terug te gaan naar de betekenis van het evangelie. Veel kerken worstelen met vragen als ‘hoe krijgen we de kerkenraad voltallig’ of ‘hoe houden we ons gebouw in stand’. Het boek leert je op een nieuwe manier te kijken naar kerk en kerk-zijn in deze tijd.” 

Is er een bijbeltekst die met je meegaat? 

“Filippenzen 4:4: ‘Laat de Heer uw vreugde blijven; ik zeg u nogmaals: wees altijd verheugd.’ Deze tekst stond centraal in mijn intredepreek. Het gaat over vreugde. Ik vind dat de kern van waar het in de kerk om draait. Er spreekt hoop uit het evangelie. De vreugde in Christus is iets dat blijft staan, ook als het leven zwaar wordt. Het zorgt ervoor dat mensen in de meest bizarre omstandigheden niet verzuren. Tijdens bezoeken aan gedetineerden merk ik dat zij ondanks alles soms ook een bepaalde rust mogen vinden. Ze dragen het omdat ze putten uit de bron van het geloof.” 

Wat hoop je voor de toekomst van de kerk? 

“Dat er meer vanuit de vreugde wordt gedacht en minder vanuit hokjes en vakjes. Er is zoveel dat ons samenbindt! Vandaaruit kun je zoeken naar een eenvoudige manier van kerk-zijn waarin je zonder schaamte of terughoudendheid het geloof met elkaar kunt delen. Ik hoop op een kerk die op een frisse manier openstaat voor ‘buiten’. We moeten niet vasthouden aan wat geweest is. De kerk is niet het gebouw of de predikantsplaats, maar de plek die je terugbrengt naar de kern van het evangelie.” 

 >> Matthijs Geluk schreef mee aan de overdenkingen in de veertigdagentijdkalender van de Protestantse Kerk. Wil jij ook bewust toeleven naar Pasen? Meld je aan voor de online veertigdagentijdkalender, en ontvang elke dag nieuwe inspiratie in je mailbox. 

Aanmelden voor de online veertigdagentijdkalender

 lees verder
 
Wat is Biddag voor Gewas en Arbeid?

Veel protestantse gemeenten vieren in het voorjaar op de tweede woensdag in maart Biddag voor Gewas en Arbeid, ook wel kortweg biddag genaamd. Biddag is een Nederlandse christelijke feestdag in de protestantse traditie, die verbonden is met de dankdag voor gewas en arbeid in het najaar.

In 2025 valt biddag op 12 maart, hoewel sommige plaatsen en gebieden bid- en dankdag op afwijkende data vieren. In veel kerkelijke gemeenten die zich verbonden weten met de hervormde en gereformeerde tradities in de Protestantse Kerk in Nederland worden op biddag een of meerdere erediensten gevierd.

Sommigen nemen een hele dag vrij van hun werk om deze diensten bij te wonen, andere nemen ’s avonds na hun werk deel aan een dienst. Overige gemeenten vieren op de zondag die volgt op biddag een speciale gebedsdienst, waarin de nadruk ligt op bidden en danken. Maar wat wordt er eigenlijk gevierd en beleden op biddag? En waar komt biddag vandaan?

De oorsprong van biddag

Het vieren van bid- en dankdag heeft zijn oorsprong in de middeleeuwse bededagen. De zogenaamde quatertemper- en kruisdagen (rogationes minores of litaniae minores) worden als de voorlopers van de Nederlands-protestantse bid- en dankdag beschouwd. Dit waren dagen van bezinning, gebed, vasten en boetedoening, aan het begin van elk van de vier seizoenen (quatertemperdagen) en in tijden van nood en gevaar (kruisdagen).

Tijdens de kruisdagen was het gebruikelijk om te bidden om Gods zegen voor de vruchten van de aarde in een processie (openbare belijdenis van het geloof in een plechtige rituele optocht), waarbij de priester met een kruis door de velden trok. Toen vanaf de zestiende eeuw de Reformatie vorderde, heeft een deel van de reformatorische kerken in Nederland de traditie van de bededagen overgenomen.

Lokale tradities rondom biddag

Op de Synode van DordrechtVerder lezen400 jaar Dordtse Synode: het beste overkómt ons is besloten dat er in tijden van oorlog, honger en andere rampen zoals watersnood massaal gebeden en gedankt zou worden. De overheid kondigde aan wanneer een bid- of dankdag gehouden werd. Gedurende de zeventiende eeuw werd in Overijssel een vaste dag om te danken ingesteld. Naarmate de samenleving in de negentiende eeuw steeds meer industrialiseerde, veranderde ook de liturgische praktijk van de dankdag voor gewas naar een dankdag voor gewas én arbeid. Daarnaast werd tegenover dankdag in het najaar ook een vaste dag om te bidden in het voorjaar ingesteld.

Tot op heden wordt er op bid- en dankdag gebeden en gedankt voor Gods zegen voor de oogst en het werk, hoewel er in de hedendaagse postindustriële samenleving ook meer in het algemeen wordt stilgestaan bij het welzijn van de familie en gemeente, de economie en de (politieke) ontwikkelingen in de wereld. Tegenwoordig worden bid- en dankdag voor gewas en arbeid landelijk op respectievelijk de tweede woensdag in maart en de eerste woensdag in november gevierd, hoewel plaatselijke en provinciale gebruiken hiervan kunnen afwijken.

Biddag in vissersdorpen

Verschillende plaatsen kennen lokale tradities waarmee bid- en dankdag worden vormgegeven. Zo wordt er in diverse oorspronkelijke vissersdorpen, zoals Katwijk aan Zee en Arnemuiden, in (hervormde) gemeenten ook gebeden en gedankt voor Gods zegen voor de visserij. Men spreekt in deze gemeenten ook wel van Bid- en Dankdag voor Gewas, Arbeid en Visserij.

In het vissersdorp Urk wordt sinds de negentiende eeuw vanwege het seizoen van de visserij biddag al op de tweede woensdag in februari gevierd, en dankdag op de laatste dag van het jaar. In het verleden kwamen de vissers rond het kerstfeest naar huis, waarna de schepen ongeveer zes weken in de haven bleven liggen. De Zuiderzee was gedurende de wintertijd immers veelal dichtgevroren, waardoor weinig tot niets gevangen kon worden. Het ontbreken van verdiensten en de bittere armoede die hiervan het gevolg waren vormden aanleiding voor het ontstaan van de ‘biddag voor de visserij’ die na de magere winterperiode aan het begin van het nieuwe visseizoen in februari werd gevierd. Ook tegenwoordig blijft tijdens ‘bidweek’ (de week rondom biddag) de gehele Urker vissersvloot aan wal liggen, en wordt er niet gevist maar worden er slechts reparaties aan de schepen verricht tijdens de weekdagen buiten biddag. In de omgeving van Ouddorp worden de diensten voor bid- en dankdag ook gehouden op de zondag die volgt op deze dagen, om de vissers de mogelijkheid te geven om de diensten bij te wonen.

In de Zeeuwse stad Tholen worden bid- en dankdag op respectievelijk de laatste woensdag in februari en de derde woensdag in november gevierd, omdat in het verleden in verschillende gemeenten de rol van dominee vacant was. Het was voor een dominee van elders gemakkelijker om de (vóór de aanleg van de deltawerken) afgelegen Zeeuwse eilanden op afwijkende dagen te bezoeken om een eredienst te leiden. Dankdag wordt in Zeeland daarnaast traditioneel veelal op de laatste woensdag van november gevierd, omdat in het verleden op de eerste woensdag van november (het moment van de landelijke dankdag) vaak nog niet alle bieten geoogst waren van het veld.

Wat vieren we op biddag?

Wat wordt er op biddag gevierd en beleden? Biddag is een dag waarop traditioneel in het voorjaar speciaal gebeden wordt om Gods zegen voor de oogst en het werk, maar in bredere zin ook voor het welzijn in de familie en gemeente, de economie, de samenleving en de wereld. Deze dag wordt met name gevierd in kerkelijke gemeenten van de Protestantse Kerk in Nederland die zich verbonden weten met de hervormde en gereformeerde tradities.

Hoe vieren mensen biddag vandaag?

Het vieren van biddag is God vragen om Zijn zegen voor jouw leven en werk, en dat van anderen. Je belijdt op deze dag dat Hij de bron van al het goede in de wereld is, en dat wij mensen afhankelijk zijn van Zijn genade. Het is zodoende ook een moment van bewustwording. Je getuigt op bid- (en dankdag) van Zijn genade, door stil te staan bij de goede dingen die Hij je heeft gegeven in je persoonlijke leven en aan deze wereld, waarvoor wij mensen dankbaar mogen zijn.

Je vraagt God in je gebed om ook in het komende jaar weer Zijn genade te schenken aan deze wereld. Maar je herkent daarnaast ook dat bijvoorbeeld de welvaart en veiligheid van de samenleving waarin je leeft niet vanzelfsprekend zijn, en niet op alle plaatsen in de wereld in gelijke mate gegeven zijn. Velen in deze wereld leven in armoede en onzekerheid en ervaren onrecht, en je vraagt God in je gebed op biddag daarom ook om gerechtigheid voor allen in deze wereld en voorspoed voor de minderbedeelden.

Veel kerkelijke gemeenten organiseren in de periode van bid- en dankdag daarom ook acties waarbij gaven gegeven kunnen worden ten nutte van de minderbedeelden of mensen die onrecht ondervinden. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van het doneren van kleding, voedsel of andere goederen, of door een financiële bijdrage te geven ten behoeve van een goed doel.

Ook hierdoor kun je getuigen van Zijn genade, omdat Hij je in staat heeft gesteld als welvarend mens te kunnen geven aan anderen. Daar waar mensen barmhartig zijn en liefde naar elkaar tonen wordt immers het Koninkrijk van God zichtbaar. Bid daarom op biddag én op alle andere dagen in het jaar om Gods zegen en genade voor allen in deze wereld.

Bekijk materialen voor biddag

 lees verder
 
"We willen ook voor tieners en twintigers aantrekkelijk worden”

Reden om mee te doen 

Toen de verbouwing van de kerk in 2021 afgerond was, was het tijd om in het gemeenteleven te investeren. Ook anderszins was het moment voor actie. De beleidsperiode liep bijna af, de predikant ging weg, en de twee kerkelijk werkers zouden kort daarna vertrekken. De toenmalige kerkenraadsvoorzitter droeg Nieuw Kerkelijk Peil aan als middel om de gemeente te betrekken bij het kerk-zijn en de visie op de toekomst. “Dat grepen we graag aan”, zegt huidig kerkenraadsvoorzitter Dirk Frans. "Het is ingewikkeld en veel duurder om zelf zo’n onderzoek op te zetten.” De enquête werd in 2022 gehouden. 135 mensen deden mee, online of op papier. De resultaten werden tijdens een gemeenteavond in mei 2023 gepresenteerd.   

De uitslag 

60 gemeenteleden waren bij de gemeenteavond. In kleine groepjes werd doorgesproken over hoe de resultaten van het onderzoek vertaald konden worden naar het gemeenteleven. Frans: "We hebben er vier actiepunten uitgehaald die passen bij de twee hoofdpunten uit ons vorige beleidsplan: 'Bezield zijn door geloof’ en ‘Een naar buiten gerichte blik’. We gaan ons richten op het ondersteunen van gemeenteleden in hun verlangen te groeien in geloof; we gaan onze verbondenheid in geloof versterken en ervoor zorgen dat nieuwe mensen zich thuis voelen. Tot slot blijven we onze gemeente aantrekkelijk houden voor jong en oud en gaan ons specifiek inzetten om dat ook voor tieners en twintigers te worden.” Het beleidsplan geldt voor vier jaar, maar wordt gezien als een levend document dat zo nodig aangepast kan worden op basis van ontwikkelingen in kerk en samenleving. 

Handig 

Bij de resultaten van het onderzoek staan ook de gemiddelden van andere deelnemende gemeenten aan Nieuw Kerkelijk Peil. Handig, vindt Frans. “Dat geeft je een idee waar je als gemeente uniek in bent. Opvallend bij ons was dat we kerk zijn in een wijk met meer hogeropgeleiden en meer gepensioneerden dan gemiddeld. Die uitkomst hebben we gebruikt in de profielschets voor de nieuwe predikant.”  

Meer weten over NKP? Volg op 9 april een webinar hierover! 

 lees verder
 
Ds. Herman Koetsveld: “Ik spreek me uit over wat er in de wereld gaande is” 

  • Volgde de Reformatorische Bijbelschool, studeerde daarna Theologie in Kampen 
  • Begonnen als predikant in Zaandam, stond daarna in Rosmalen-Berlicum, Hengelo en sinds ruim 5 jaar in de Westerkerk in Amsterdam 

Hoe ervaar je je roeping? 

“Mijn roeping is geen momentum, maar een langdurig proces van ernaar toegroeien. Ik heb veel tijd nodig gehad om los te komen van het rationele gereformeerde geloofskader. Via de hermeneutiek van Eugen Drewermann ben ik op een ander spoor gekomen. De Bijbel is daardoor op een totaal nieuwe manier voor me gaan spreken. Ik ben laat theologie gaan studeren en pas op mijn 38e predikant geworden. Ik vind het een groot voorrecht om tijd en mandaat te hebben gekregen om ‘op verhaal te komen’ en taal geboren te laten worden waar mensen hun hart aan op willen halen. Maar momenteel ervaar ik mijn roeping ook als bijzonder zwaar: de verantwoordelijkheid om in deze gistende tijden de juiste woorden te spreken, is groot.” 

Wat heb je nodig om met vrucht en vreugde te werken? 

“Ik werk met ongelooflijk veel plezier en vreugde in de Westerkerk. Daarvoor is vertrouwen van de gemeente belangrijk, door haar gedragen worden. En innerlijke rust en openheid ‘in de Geest’ om te horen wat gezegd en gedaan moet worden.” 

Hoe zorg je ervoor dat je niet opbrandt? 

“In de Westerkerk beginnen we elke dag om 9.00 uur met een ochtendgebed. Ik heb de getijdengebeden ontdekt in het klooster, ze zijn er onafhankelijk van je emotionele gesteldheid. Of je zin hebt of niet, het is er gewoon. Het geeft rust en structuur en draagt ook mijn eigen spiritualiteit. De kunst is om te zien en te horen wat vandaag aan me gegeven wordt, en geen zorgen te hebben over morgen en later. Die houding doet me goed.” 

Welk onderdeel van je werk doe je het liefst? 

“Het voorgaan in de dienst, dat draagt mijzelf ook. Wat ik ook heel graag doe maar waar ik te weinig tijd voor heb: liedteksten maken, dat vind ik heerlijk. Verder ben ik graag in gesprek, in het werken met groepen en in het individuele pastoraat." 

Welke scholing heb je voor het laatst gevolgd? 

“Ik heb me onttrokken aan de permanente educatie. Maar ik lees veel wat te maken heeft met de relatie kerk en cultuur, de ontwikkeling van de tijdgeest. Elk jaar schrijf ik een theologisch jaaroverzicht waarin ik de tijdgeest probeer te ‘pakken’. Het boeit me en ik heb er wel gevoel voor. Af en toe breng ik een paar dagen in het klooster van de norbertijnen in Heeswijk door. Dan gaat een stapeltje boeken mee. Het zijn altijd scharniermomenten waarin ik nieuwe inzichten en inspiratie opdoe.” 

Hoe kan de kerk haar verantwoordelijkheid nemen voor medemens en schepping? 

“In het verkondigen dat we naar een soberder levensstijl moeten. Zoals het nu gaat, kan de aarde niet meer aan. Ook moeten we kerk zijn in de buurt. Dat doen we als Westerkerk steeds beter, met onder meer hulp aan de Voedselbank en een kinderkerstfeest voor de buurt. Het wordt erg gewaardeerd. En verder door een profetische analyse van wat gaande is, dat is ook een dienst aan de samenleving. Ik ben de buurman van Anne Frank, van het Homomonument, en van de Raadhuisstraat waar de grote demonstraties door komen. Die drie leggen een extra verantwoordelijkheid op mij om me in heldere bewoordingen uit te spreken over wat er gaande is. Ik vind de tijden mateloos verontrustend, en ik vind dat ik dat moet zeggen. Wel waak ik ervoor dat ik mensen niet elke week met een somber tijdsbeeld de deur uitstuur.” 

Welk boek, welke film of podcast raad je collega’s aan? 

“Verplichte kost is het boek Een seculiere tijd door Charles Taylor, met een diepgravend filosofisch, theologisch en existentieel begrip van onze tijd. Onovertroffen. Ik vind ook dat elke theoloog kennis moet hebben genomen van de hermeneutiek van Eugen Drewermann. De theologie gaat richting conservatisme, ik maak me daar buitengewoon veel zorgen over. Drewermann zegt dat de theologie is verworden tot ‘ervaringsloos spreken over vreemde ervaringen’. Deze vijf woorden hebben mijn leven veranderd. Theologie gaat altijd over het leven zelf, over de existentie. Als je dat uit het oog verliest, spreek je alleen nog over vreemde ervaringen. Dan wordt het geloof per definitie een historische categorie, iets van het museum.” 

Is er een bijbeltekst die met je meegaat? 

"Er ploppen voortdurend teksten in me op, met name liedteksten. Meestal flarden ervan, zoals ‘Op bergen en in dalen, en overal is God’. De context, de ‘geest van het moment’ bepaalt kennelijk wat ik in mezelf hoor klinken.” 

Wat hoop je voor de toekomst van de kerk? 

“Dat er mensen zijn die met trouw en toewijding het verhaal, de liturgie gaande houden, dat wat de kerk tot kerk maakt. Ik hoop ook op meer moed en creativiteit om bondgenoten in de samenleving te omarmen. Door bijvoorbeeld het hele dorp ‘eigenaar’ van de kerk te maken wordt ze als een ‘huis voor de ziel’ waar iedereen terechtkan. Ik vind dat elke kerk hier plannen voor zou moeten maken.” 

Bekijk hier een documentaire over Herman Koetsveld en de Westerkerk, een inkijkje in het reilen en zeilen van deze kerk en het dagelijkse werk van de predikant. 

 lees verder
 
Te klein om kerk naar buiten te zijn? - Deel 1: Stadskanaal

“We hebben een paar jaren van onrust achter ons. We zijn van drie wijkgemeenten naar één gemeente gegaan, van drie gebouwen naar twee, een jaar vacant geweest en we hebben een wisseling van predikanten gehad. Tel daarbij op dat er op zondag weinig kinderen en vrijwel geen jongeren zijn. En corona deed ook nog een duit in het zakje. Er waren allerlei excuses om het hoofd te laten hangen. Maar er komt een moment dat je vooruit moet kijken en bedenken wat er nodig is. Toen we in 2022 ten bate van Oekraïne in no time veel voor elkaar kregen aan acties en inzamelingen, had dat grote impact. Het werd het begin van een beweging. Dat ging niet vanzelf, je hebt iemand nodig die de verandering trekt. Daar heeft de diaconie een rol bij kunnen spelen. We zijn kerk in een regio waar veel armoedeVerder lezenHoe kom je als diaconie armoede op het spoor? heerst, Oost-Groningen is een achterstandsgebied. Daar ligt een taak voor ons. Want waarom zijn we eigenlijk kerk? Wat willen we uitdragen? En wat kunnen we betekenen buiten de kerkmuren? We hebben ons er hard voor gemaakt dat de diaconale pijler van de kerk in het beleidsplan een plek kreeg. Het heeft de ogen binnen de kerkenraad geopend, en het heeft ook de positie van onze diaconie sterker gemaakt. 

Samen met welzijnsorganisaties zijn we goed bezig in Stadskanaal. We zijn bij de huisartsen langs geweest met de boodschap dat ze mensen naar ons door kunnen verwijzen. Met Kerst hebben we kerstpakketten gebracht bij adressen die ze kunnen gebruiken. In de zomer hebben we 60 vakantietassenVerder lezenActie Vakantietas - stappenplan uitgedeeld, waarin onder meer entreekaarten voor attractieparken in de buurt. En we doen meer. 

Het teruggaan naar de basis van kerk-zijn heeft een mooie beweging in de gemeente tot stand gebracht. En de beweging gaat door. Zo hebben we sinds kort een nieuwe kerkappVerder lezenDe kerkapp: vier voordelen, vier overwegingen en vier tips voor meer onderling contact. Juist als je er slecht voorstaat, is de motivatie om er weer bovenop te komen groot.”  

Dit artikel is eerder verschenen in het magazine #protestant (najaar 2023). 

 lees verder